Bijzondere procedures – Thematische mandaten - Speciale Rapporteurs :
Speciaal
Rapporteur inzake geschikte huisvesting als
onderdeel van het recht op een behoorlijke levensstandaard:Dhr. Miloon KOTHARI ( India )
Mandaat:
- rapporteren over de stand van zaken, wereldwijd,
van de verwezenlijking van de rechten die vallen binnen het mandaat;
- waar nodig samenwerking tussen regeringen
bevorderen en ze ondersteuning bieden bij hun inspanningen om deze rechten te
handhaven;
- aandacht besteden aan het gender-perspectief;
- een constante dialoog ontwikkelen, en
besprekingen voeren over mogelijke gebieden van samenwerking, met regeringen,
bevoegde VN-organen, de VN-Gespecialiseerde Organisaties, internationale
organisaties op het gebied van huisvesting – zoals het Centrum voor Menselijke
Nederzettingen van de Verenigde Naties (UNCHS/Habitat) – en met
niet-gouvernementele organisaties en internationale financiële instellingen; en
aanbevelingen formuleren voor de verwezenlijking van deze rechten;
- een inventaris opmaken van mogelijke vormen en
bronnen van financiering van adequate adviesdiensten en technische samenwerking;
- bij de werkzaamheden thema’s betrekken, waar
nodig en wenselijk, die liggen binnen het aandachtsveld van specifieke missies,
te velde aanwezige missies en nationale VN-bureaus;
- de Mensenrechtenraad jaarlijks een verslag
voorleggen over de werkzaamheden in de context van het mandaat.
Speciaal
Rapporteur inzake kinderhandel, kinderprostitutie en kinderpornografie:Dhr. Juan Miguel PETIT ( Uruguay )
Mandaat:
De houder van dit mandaat wordt geacht onderzoek
te verrichten naar de exploitatie van kinderen wereldwijd, en aan de Algemene
Vergadering en de Mensenrechtenraad rapporten voor te leggen over zijn/haar
bevindingen, waarin hij/zij ook aanbevelingen doet voor de bescherming van de
rechten van de betrokken kinderen. Deze aanbevelingen richten zich
hoofdzakelijk tot regeringen, andere dan da genoemde VN-organen en
niet-gouvernementele organisaties.
Speciaal
Rapporteur inzake het recht
op onderwijs:Dhr. Vernor MUÑOZ VILLALOBOS ( Costa Rica )
Mandaat:
- Verslag uitbrengen over de stand van zaken,
wereldwijd, van de geleidelijke verwezenlijking van het recht op onderwijs, met
inbegrip van de toegang tot basisonderwijs, en over de moeilijkheden die worden
ondervonden bij de verwezenlijking van dit recht, rekening houdend met
informatie en commentaren van regeringen, organisaties en organen binnen het
VN-systeem, andere relevante internationale organisaties en
niet-gouvernementele organisaties;
- waar nodig en wenselijk steun verlenen aan
regeringen bij het formuleren en uitvoeren van een actieplan, indien dat nog
niet bestaat, en instaan voor een voortschrijdende verwezenlijking, binnen een
redelijke termijn, van het beginsel van verplicht en voor iedereen kosteloos
basisonderwijs, daarbij onder meer rekening houdend met het
ontwikkelingsniveau, met de omvang van de uitdagingen en met de inspanningen
die regeringen zich reeds getroosten;
- waar nodig en wenselijk steun verlenen aan
regeringen bij het formuleren en uitvoeren van een actieplan, indien dat nog
niet bestaat, en instaan voor een voortschrijdende verwezenlijking, binnen een
redelijke termijn, van het beginsel van verplicht en voor iedereen kosteloos
basisonderwijs, daarbij onder meer rekening houdend met het
ontwikkelingsniveau, met de omvang van de uitdagingen en met de inspanningen
die regeringen zich reeds getroosten;
- aandacht besteden aan het gender-perspectief, in
het bijzonder aan de positie en de behoeften van jonge meisjes, en ijveren voor
de uitbanning van alle vormen van discriminatie in het onderwijs;
- zijn of haar rapporten ter beschikking stellen
van de Commissie voor de Status van de Vrouw voor zover ze verband houden met
vrouwen en het recht op onderwijs;
- een constante dialoog op gang brengen, en
besprekingen voeren over mogelijke gebieden van samenwerking, met relevante
VN-organen, met de VN-Gespecialiseerde Organisaties, en met internationale
organisaties actief op onderwijsgebied, zoals
UNESCO (de VN-organisatie voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur), UNICEF
(het Kinderfonds van de VN), UNCTAD (de Conferentie van de VN inzake Handel en
Ontwikkeling) en UNDP (het Ontwikkelingsprogramma van de VN) alsmede met
internationale financiële instellingen zoals de Wereldbank;
- mogelijke vormen en bronnen van financiering
voor adviesdiensten en technische samenwerking op het gebied van de toegang tot
basisonderwijs in kaart brengen;
In de mate van het mogelijke instaan voor een
beleid van afstemming op, en complementariteit met, het werk verricht in het
kader van resolutie 1997/7 van de Subcommissie voor de Bevordering en de
Bescherming van de Rechten van de Mens, in het bijzonder het werkdocument over
het recht op onderwijs van Dhr. Mustapha Mehedi.
Speciaal
Rapporteur voor buitenrechtelijke,
standrechtelijke of willekeurige executies:Dhr. Philip ALSTON ( Australië )
Mandaat:
- Het onderzoek naar situaties waarin sprake is
van buitenrechtelijke, standrechtelijke of
willekeurige executies voortzetten, en aan de Mensenrechtenraad jaarlijks zijn
bevindingen voorleggen, samen met conclusies en aanbevelingen, alsmede andere
rapporten in te dienen die de Speciaal Rapporteur noodzakelijk acht om de Raad
op de hoogte te houden van ernstige situaties met betrekking tot buitenrechtelijke,
standrechtelijke of willekeurige executies
die de onmiddellijke aandacht van de Raad vereisen;
- op een doeltreffende wijze reageren op de
informatie die hem bereikt, in het bijzonder wanneer een buitenrechtelijke,
standrechtelijke of willekeurige executie
op handen is, daarmee wordt gedreigd of heeft plaatsgevonden;
- zijn dialoog met regeringen intensiveren en
instaan voor een alerte opvolging, op basis van aanbevelingen in de rapporten
die hij opstelt na bezoeken aan bepaalde landen;
- bijzondere aandacht blijven besteden aan
buitenrechtelijke, standrechtelijke of willekeurige executies van kinderen en vrouwen,
en aan beschuldigingen met betrekking tot schendingen van het recht op leven,
in de context van geweld tegen deelnemers aan betogingen en andere vreedzame
publieke manifestaties, of tegen personen die behoren tot minderheden;
- bijzondere aandacht besteden aan
buitenrechtelijke, standrechtelijke of willekeurige executies waarbij de slachtoffers
individuen zijn die vreedzame activiteiten ontplooien ter verdediging van de
mensenrechten en de fundamentele vrijheden;
- blijven toezien op de implementatie van de
bestaande internationale normen, waarborgen en beperkingen betreffende het
opleggen van de doodstraf, met inachtneming van de commentaren van het
Mensenrechtencomité met betrekking tot de interpretatie van artikel 6 van het
Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten, en van het
Tweede Facultatieve Protocol daarbij;
- zijn/haar werkzaamheden verrichten vanuit een
gender-perspectief.
Speciaal
Rapporteur inzake het recht
op voedsel:Dhr. Olivier DE SCHUTTER ( België )
Mandaat:
- Informatie opvragen, in ontvangst nemen en opvolgen over alle
aspecten van de verwezenlijking van het recht op voedsel, mede in het licht van
de dringende noodzaak om honger uit te bannen;
- het opzetten van samenwerkingsverbanden met
regeringen, met intergouvernementele organisaties (met name met de FAO, de
Voedsel- en Landbouworganisatie van de VN) en met niet-gouvernementele
organisaties, ter bevordering van de verwerkelijking van het recht op voedsel
in de praktijk, en het formuleren van passende aanbevelingen voor de
implementatie van dat recht, met inachtneming van het werk dat binnen het
VN-systeem op dat terrein reeds wordt verricht;
- het signaleren van op handen zijnde problemen
rond het recht op voedsel, wereldwijd.
Speciaal
Rapporteur voor de bevordering en bescherming van het
recht op de vrijheid van mening en
meningsuiting:Dhr. Ambeyi LIGABO ( Kenia )
Mandaat:
- Overal waar daartoe aanleiding bestaat alle
relevante informatie vergaren over discriminatie, over het dreigen met of
gebruik van geweld, en over pesterijen gericht tegen personen die het recht op
de vrijheid van mening en meningsuiting, zoals neergelegd in de Universele
Verklaring van de Rechten van de Mens en, voor zover van toepassing, in het
Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten, pogen uit te
oefenen of te bevorderen; dit alles met inachtneming van het werk dat andere
mechanismen van de Mensenrechtenraad terzake al verrichten, om dubbel werk te
vermijden;
- met de hoogste prioriteit, en overal waar
daartoe aanleiding bestaat, relevante informatie vergaren over discriminatie,
over het dreigen met of gebruik van geweld, en over pesterijen gericht tegen
personen die beroepshalve actief zijn op het gebied van informatieverschaffing
en die het recht op de vrijheid van mening en meningsuiting trachten uit te
oefenen of te bevorderen;
- geloofwaardige en betrouwbare informatie
opvragen bij, en in ontvangst nemen van, regeringen, niet-gouvernementele
organisaties en alle andere partijen die informatie hebben over dergelijke
gevallen, en aan de Raad jaarlijks een rapport voorleggen over de werkzaamheden
in het kader van zijn of haar mandaat, met aanbevelingen en suggesties voor
methoden en middelen om het recht op de vrijheid van mening en meningsuiting in
al haar verschijningsvormen beter te bevorderen en te beschermen.
Speciaal
Rapporteur voor de vrijheid
van godsdienst of overtuiging:Mw. Asma JAHANGIR ( Pakistan )
Mandaat:
- blijven werken vanuit een gender-perspectief,
onder meer door in de verslagen seksespecifieke misstanden te belichten, en
deze te laten meespelen zowel bij het vergaren van informatie als bij het
formuleren van aanbevelingen;
- Een onderzoek instellen naar incidenten en
overheidsoptreden, wereldwijd, die niet stroken met de bepalingen van de
Verklaring inzake de Uitbanning van alle Vormen van Onverdraagzaamheid en van Discriminatie
op grond van Godsdienst en Overtuiging, en maatregelen aanbevelen om een eind
te maken aan dergelijke situaties;
- doeltreffend reageren op geloofwaardige en
betrouwbare informatie die haar bereikt;
- regeringen die voorwerp zijn van haar rapporten
actief blijven vragen om hun standpunten of commentaar;
- haar werkzaamheden terughoudend, objectief en
onafhankelijk blijven verrichten.
Speciaal
Rapporteur voor het recht van iedereen om het hoogst
mogelijke peil van lichamelijke en
geestelijke gezondheid te genieten:Dhr. Paul HUNT ( Nieuw-Zeeland )
Mandaat:
- bij alle relevante bronnen beschikbare
informatie vergaren, opvragen, in ontvangst nemen en uitwisselen over het recht
op gezondheid;
- de dialoog aangaan en mogelijke vormen van
samenwerking bespreken met alle relevante actoren, met inbegrip van regeringen,
bevoegde VN-organen en programma’s, de VN-Gespecialiseerde Organisaties, in het
bijzonder de WHO (de Wereldgezondheidsorganisatie), met UNAIDS (het Gezamenlijk
HIV/AIDS-programma van de VN), en met niet-gouvernementele organisaties en
internationale financiële instellingen;
- rapport uitbrengen over de stand van zaken,
wereldwijd, van het recht op gezondheid, onder meer wat betreft wetgeving,
beleid, succesvol gebleken maatregelen, en hindernissen;
- aanbevelingen doen voor passende maatregelen
voor de bevordering en bescherming van het recht op gezondheid.
Speciaal
Rapporteur voor de onafhankelijkheid
van rechters en advocaten:Dhr. Leandro DESPOUY ( Argentinië )
Mandaat:
- belangrijke beschuldigingen die hem bereiken
onderzoeken, en rapport uitbrengen over zijn bevindingen ter zake;
- niet alleen inbreuken op de onafhankelijkheid
van de rechterlijke macht, advocaten en gerechtelijke ambtenaren onderkennen en
vastleggen, maar ook verslag uitbrengen over de vooruitgang die is geboekt bij
de bescherming en verruiming van hun onafhankelijkheid; concrete aanbevelingen
doen; op verzoek van betrokken staten advies of technische ondersteuning
verlenen;
- belangrijke, al dan niet thematische
principekwesties bestuderen ter voorbereiding van voorstellen met het oog op de
bescherming en verruiming van de onafhankelijkheid van de leden van de
rechterlijke macht en van advocaten.
Speciaal
Rapporteur voor de mensenrechten en fundamentele vrijheden van inheemse volken:Rodolfo STAVENHAGEN (Mexico)
Mandaat:
Bij en van alle relevante bronnen, waaronder
regeringen, inheemse volken zelf, en hun gemeenschappen en organisaties,
informatie en berichten verzamelen, opvragen, in ontvangst nemen en uitwisselen
over schendingen van hun mensenrechten en fundamentele vrijheden; aanbevelingen
en voorstellen formuleren over gepaste maatregelen en activiteiten om
schendingen van de mensenrechten en fundamentele vrijheden van inheemse volken
te voorkomen of er een eind aan te maken; nauw samenwerken met andere Speciale
Rapporteurs, Speciale Vertegenwoordigers, Werkgroepen en Onafhankelijke
Deskundigen van de Mensenrechtenraad.
Speciaal
Rapporteur voor de mensenrechten van migranten:Dhr. Jorge A. BUSTAMANTE ( Mexico )
Mandaat:
- Informatie opvragen en in ontvangst nemen
vanuit alle relevante bronnen, ook van migranten zelf, over schendingen van de
mensenrechten van migranten en hun gezinnen
- gepaste aanbevelingen formuleren om schendingen
van de mensenrechten van migranten, waar deze zich ook voordoen, te voorkomen
of er een eind aan te maken
- de doeltreffende toepassing van internationale
normen en standaarden ter zake bevorderen
- aanbevelingen formuleren voor acties en
maatregelen op nationaal, regionaal en internationaal niveau om een einde te
maken aan schendingen van de mensenrechten van migranten
- een gender-perspectief in acht nemen bij het
opvragen en analyseren van informatie, en bijzondere aandacht besteden aan
gevallen van geweld en meervoudige discriminatie jegens vrouwelijke migranten
Speciaal
Rapporteur voor hedendaagse
vormen van racisme, rassendiscriminatie,
vreemdelingenhaat en verwante onverdraagzaamheid:Dhr. Doudou DIÈNE (Senegal)
Mandaat:
‘overeenkomstig zijn opdracht een onderzoek
instellen naar gevallen van hedendaagse vormen van racisme, van rassendiscriminatie,
vormen van discriminatie van zwarten, Arabieren en moslims, van
vreemdelingenhaat, negrofobie, antisemitisme en verwante onverdraagzaamheid –
en naar de maatregelen die regeringen treffen om deze uit te bannen – en over
deze zaken rapport uit te brengen aan de Mensenrechtenraad.'
‘verder gaan met de uitwisseling van standpunten
met de relevante mechanismen en verdragsorganen binnen het VN-systeem, om hun
doeltreffendheid en onderlinge samenwerking te versterken. Indertijd deed de
VN-Mensenrechtencommissie ook een beroep op alle regeringen,
intergouvernementele organisaties en andere relevante organisaties van het
VN-systeem, en op niet-gouvernementele organisaties, om de Speciaal Rapporteur
alle nodige informatie te verschaffen.'
‘maximaal gebruik maken van alle bijkomende
bronnen van informatie, met inbegrip van bezoeken aan landen en de analyse van
massamedia, en regeringen vragen om hun reacties in verband met
beschuldigingen.’
‘in nauw overleg met regeringen, bevoegde
organisaties van het VN-systeem, andere intergouvernementele organisaties en
niet-gouvernementele organisaties, verdere aanbevelingen formuleren voor
mensenrechteneducatie, om handelingen die aanleiding geven tot racisme en
rassendiscriminatie, vreemdelingenhaat en verwante onverdraagzaamheid te
voorkomen.’
‘concrete aanbevelingen opstellen voor specifieke
en uitvoerbare maatregelen op nationaal, regionaal en internationaal niveau, om
problemen binnen het bereik van zijn mandaat te voorkomen en uit te bannen.’
Speciaal
Rapporteur voor de bevordering en bescherming van de
mensenrechten bij de bestrijding van
terrorisme:Dhr. Martin SCHEININ
(Finland)
Mandaat:
- concrete aanbevelingen formuleren voor de
bevordering en bescherming van de mensenrechten en fundamentele vrijheden bij
de bestrijding van terrorisme, met inbegrip van advies of technische
ondersteuning in dat verband aan staten die daarom vragen;
- bij en van alle relevante bronnen, waaronder
regeringen, betrokken individuen, hun families, hun vertegenwoordigers en hun
organisaties, informatie verzamelen, opvragen, in ontvangst nemen en
uitwisselen – ook tijdens door de betrokken staat toegestane landenbezoeken –
over mogelijke schendingen van mensenrechten en fundamentele vrijheden bij de
bestrijding van terrorisme, met bijzondere aandacht voor thema’s die niet
worden bestreken door de bestaande mandaten;
- instaan voor de inventarisatie, uitwisseling en
bevordering van 'best practices' die de mensenrechten en fundamentele vrijheden
eerbiedigen bij de bestrijding van terrorisme;
- in nauwe onderlinge afstemming samenwerken met
andere Speciale Rapporteurs, Speciale Vertegenwoordigers, Werkgroepen en
Onafhankelijke Deskundigen van de Mensenrechtenraad en met andere bevoegde
VN-organen;
- een constante dialoog ontwikkelen, en
besprekingen voeren over mogelijke gebieden van samenwerking, met alle
betrokken actoren, waaronder regeringen, bevoegde VN-organen, de
VN-Gespecialiseerde Organisaties en programma’s – in het bijzonder met het
Comité tegen Terrorisme van de
Veiligheidsraad (CTC), het Bureau van de Hoge VN-Commissaris voor de
Mensenrechten (OHCHR), de Afdeling ter Voorkoming van Terrorisme (TPB) van het
VN-Bureau voor Drugs en Misdaadbestrijding (UNODC) – en met mandaathouders en
verdragsorganen die toezien op mensenrechtenverdragen, met de Subcommissie voor
de Bevordering en Bescherming van de Rechten van de Mens, met
niet-gouvernementele organisaties en andere (sub)regionale of internationale instellingen,
met volledige inachtneming van de respectieve mandaten van de genoemde
instanties en met het oog op het voorkomen van dubbel werk;
- op gezette tijden verslag uitbrengen aan de
Mensenrechtenraad en de Algemene Vergadering
Speciaal
Rapporteur inzake foltering en andere
wrede, onmenselijke of onterende behandeling of bestraffing:Dhr. Manfred Nowak (Oostenrijk)
Mandaat:
- dringende oproepen richten tot
staten met betrekking tot individuen die volgens betrouwbare bronnen
risico lopen op foltering, alsmede staten informeren over mogelijke gevallen
van foltering in het verleden;
- landen bezoeken om informatie te vergaren;
- jaarlijks rapport uitbrengen aan de
Mensenrechtenraad en aan de Algemene Vergadering over zijn activiteiten,
mandaat en werkmethoden.
Speciaal
Rapporteur inzake de schadelijke effecten van het
clandestien vervoeren of dumpen van giftige en gevaarlijke producten en
afvalstoffen op het genot van de mensenrechten:Dhr. Okechukwu IBEANU (Nigeria)
Mandaat:
- De effecten opsporen en onderzoeken van het
clandestien dumpen van giftige en gevaarlijke producten en afvalstoffen in
Afrikaanse en andere ontwikkelingslanden, voor zover ze de mensenrechten
schaden, in het bijzonder het recht van eenieder op leven en gezondheid;
- binnenkomende berichten over de smokkel en het
dumpen van giftige en gevaarlijke producten en afvalstoffen in Afrikaanse en
andere ontwikkelingslanden nagaan, opvolgen, onderzoeken en in ontvangst nemen,
en informatie ter zake verzamelen;
- aanbevelingen en voorstellen formuleren voor
adequate maatregelen om de clandestiene handel in giftige en gevaarlijke
producten en afvalstoffen, en het vervoer ervan en het dumpen van die stoffen
in Afrikaanse en andere ontwikkelingslanden, onder controle te brengen, te verminderen
of er een eind aan te maken;
- jaarlijks een lijst voorleggen van landen en
transnationale ondernemingen die zijn betrokken bij het clandestien dumpen van
giftige en gevaarlijke producten en afvalstoffen in Afrikaanse en andere
ontwikkelingslanden en een telling uitvoeren van personen in
ontwikkelingslanden die zijn gedood, verminkt of anderszins gewond als gevolg
van deze gruwelijke praktijk.
Speciaal
Rapporteur voor de mensensmokkel,
met bijzondere aandacht voor vrouwen en kinderen:Mw. Sigma HUDA (Bangladesh)
Mandaat:
- De Raad jaarlijks rapporten voorleggen, samen
met aanbevelingen voor maatregelen die nodig zijn om de mensenrechten van de
slachtoffers te bevorderen en te beschermen;
- doeltreffend reageren op betrouwbare informatie
over mogelijke mensenrechtenschendingen, om de mensenrechten van werkelijke of
potentiële slachtoffers van mensensmokkel te beschermen; actief samenwerken met
andere relevante Speciale Rapporteurs, in het bijzonder de Speciale Rapporteur
voor Geweld tegen Vrouwen; en volledig rekening houden met hun bijdragen ter
zake;
- samenwerken met bevoegde VN-organen, met
regionale organisaties en met de slachtoffers en hun vertegenwoordigers.
Speciaal
Rapporteur voor de oorzaken en gevolgen van geweld tegen vrouwen:Mw. Yakin ERTÜRK (Turkey)
Mandaat:
- Informatie over geweld tegen vrouwen, en over de
oorzaken en gevolgen daarvan, opvragen bij en in ontvangst nemen van
regeringen, verdragsorganen, de VN-Gespecialiseerde Organisaties, andere
Speciale Rapporteurs die verantwoordelijk zijn voor de verschillende
mensenrechtenkwesties, en intergouvernementele en niet-gouvernementele
organisaties, waaronder vrouwenorganisaties; en op basis van dergelijke
informatie doeltreffend actie voeren;
- maatregelen, methoden en middelen aanbevelen, op
nationaal, regionaal en internationaal niveau, om geweld tegen vrouwen, en de
oorzaken daarvan, uit te bannen en de gevolgen te verzachten;
- nauw samenwerken met andere Speciale
Rapporteurs, Speciale Vertegenwoordigers, Werkgroepen en Onafhankelijke
Deskundigen van de Mensenrechtenraad, en met de verdragsorganen, met
inachtneming van het verzoek van de Raad dat zij in haar rapporten geregeld en
stelselmatig beschikbare informatie opneemt over mensenrechtenschendingen die
vrouwen aangaan en dat zij nauw samenwerkt met de Commissie voor de Status van
de Vrouw bij de uitvoering van haar mandaat.
Bijzondere procedures – Thematische mandaten - Vertegenwoordigers
van de Secretaris-Generaal:
Speciaal
Vertegenwoordiger van de Secretaris-Generaal voor
mensenrechten en transnationale bedrijven en andere ondernemingen:Dhr. John Ruggie (Verenigde Staten)
Mandaat:
- Het in kaart brengen en verduidelijken van de
normen inzake de verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid van transnationale
bedrijven en andere ondernemingen;
- Het nader definiëren van de rol van staten bij
het doeltreffend reguleren en beoordelen van de rol van transnationale
bedrijven en andere ondernemingen in relatie tot mensenrechten, o.a. door
internationale samenwerking;
- Onderzoeken en verduidelijken wat de implicaties
zijn van concepten als ‘medeplichtigheid’ en ‘invloedssfeer’ voor
transnationale bedrijven en andere ondernemingen;
- materiaal en methodieken ontwikkelen voor het
beoordelen van de gevolgen voor de mensenrechten van de activiteiten van
transnationale bedrijven en andere ondernemingen;
- Een compendium samenstellen van 'best practices'
van staten, transnationale bedrijven en andere ondernemingen.
Speciaal
Vertegenwoordiger van de
Secretaris-Generaal voor de situatie van verdedigers van de mensenrechten:Mw. Hina JILANI (Pakistan)
Mandaat:
Informatie
verzamelen over de positie van verdedigers van de mensenrechten, de dialoog
aangaan met regeringen en andere betrokken partijen, en aanbevelingen doen om
de bescherming van verdedigers van de mensenrechten te verbeteren.
Werkzaamheden die kaderen binnen het mandaat zijn onder meer bezoeken aan
landen, regeringen aanspreken op zorgwekkende situaties van bepaalde personen,
en rapport uitbrengen aan de Mensenrechtenraad en de Algemene Vergadering.
Vertegenwoordiger
van de Secretaris-Generaal voor de mensenrechten van binnenslands
ontheemden (Internally Displaced Persons, IDP’s):Dhr. Walter Kälin (Zwitserland)
Mandaat:
- Zich in overleg met andere partijen inzetten als pleitbezorger
voor de bescherming en eerbiediging van de mensenrechten van IDP’s;
- De
dialoog met regeringen, niet-gouvernementele organisaties en andere actoren
voortzetten en intensiveren;
- De internationale reactie op binnenslandse
ontheemding versterken, en van de mensenrechten van IDP’s een vast agendapunt maken binnen alle relevante
onderdelen van het VN-systeem
- Hem werd ook verzocht voort te bouwen op het werk
van zijn voorganger bij het vestigen van de aandacht op vraagstukken rond de
rechten van binnenslands ontheemden (IDP’s), het bevorderen en verspreiden van
de Richtlijnen inzake Ontheemdenbeleid (‘Guiding Principles on Internal
Displacement’; E.CN.4/1998/53/Add.2) op nationaal, regionaal en internationaal
niveau, landen te bezoeken, nationale en regionale seminars te beleggen, steun
te verlenen aan niet-gouvernementele organisaties bij het opbouwen van hun
expertise en andere betrokken instellingen en om beleidsgericht onderzoek te
verrichten.
Bijzondere procedures – Thematische mandaten - Onafhankelijke
Deskundigen:
Onafhankelijk
Deskundige voor het vraagstuk van de mensenrechten en schrijnende
armoede:Dhr. Arjun SENGUPTA (India)
Mandaat:
- Het verband tussen de bevordering en bescherming
van mensenrechten en schrijnende armoede in kaart brengen, met inbegrip van een
analyse van maatregelen die worden getroffen op nationaal en internationaal
niveau om te bevorderen dat in schrijnende armoede verkerende personen hun
mensenrechten volledig genieten;
- In het bijzonder rekening houden met de
hindernissen die in schrijnende armoede verkerende vrouwen ondervinden op het
gebied van hun fundamentele rechten en met de vooruitgang die zij boeken bij
het genieten van die rechten;
- Aanbevelingen en waar wenselijk voorstellen doen
op het gebied van technische ondersteuning;
- Verslag uitbrengen over deze activiteiten aan de
Mensenrechtenraad en die verslagen ter beschikking stellen van de Commissie
voor Sociale Ontwikkeling en van de Commissie voor de Status van de Vrouw, voor
zover toepasselijk;
- De Mensenrechtenraad suggesties aanreiken over
de kernpunten van een mogelijke ontwerpverklaring inzake 'mensenrechten en
schrijnende armoede'
- Rekening houden met de positie van vrouwen in
schrijnende armoede en met het belang van hun medezeggenschap, door zijn/haar
werk te plaatsen in een man/vrouwperspectief.
Onafhankelijk
Deskundige inzake minderheidsvraagstukken:Mw. Gay MCDOUGALL (Verenigde
Staten)
Mandaat:
- De implementatie bevorderen van de Verklaring
inzake de Rechten van Personen behorend tot Nationale of Etnische,
Godsdienstige en Taalkundige Minderheden, onder meer door middel van overleg
met regeringen, daarbij rekening houdend met bestaande internationale normen en
nationale wetgeving aangaande minderheden;
- 'best practices' inventariseren, alsook de
mogelijkheden voor technische samenwerking, op verzoek van regeringen, met het
Bureau van de Hoge VN-Commissaris voor de Mensenrechten;
- zijn/haar werkzaamheden mede plaatsen in een
gender-perspectief;
- nauw samenwerken, met vermijden van
overlappingen, met bevoegde organen, mandaten en mechanismen van de VN, en met
regionale organisaties;
- rekening houden met de standpunten van
niet-gouvernementele organisaties inzake aangelegenheden die zijn of haar
mandaat betreffen.
De Onafhankelijk Deskundige wordt ook verzocht
om de Raad jaarlijks verslag te doen van haar activiteiten, met inbegrip van
aanbevelingen voor doeltreffende strategieën voor een betere verwezenlijking
van de rechten van personen die behoren tot minderheden.
Onafhankelijk
Deskundige inzake mensenrechten en internationale solidariteit:Dhr. Rudi Muhammad RIZKI (Indonesië)
Mandaat:
- Het vraagstuk van het recht van volken op
internationale solidariteit bestuderen en hierover een ontwerpverklaring
opstellen;
- Rekening houden met de resultaten van alle
belangrijke wereld-topconferenties (van de Verenigde Naties en andere) en
ministervergaderingen op economisch en sociaal gebied, en standpunten en
bijdragen te vragen van regeringen, van de VN-Gespecialiseerde Organisaties,
van andere relevante internationale organisaties en van niet-gouvernementele
organisaties bij de invulling van zijn/haar mandaat;
- Jaarlijks aan de Raad verslag uitbrengen over de
voortgang bij de uitvoering van zijn/haar mandaat.
Onafhankelijk
Deskundige inzake de effecten van een beleid van economische
hervorming en buitenlandse schulden op het volle genot van de mensenrechten, in het bijzonder de
economische, sociale en culturele rechten:Dhr. Bernards Andrew NYAMWAYA
MUDHO (Kenia)
Werkgroepen:
Werkgroep voor
mensen van Afrikaanse afkomst:
- Dhr. Peter Lesa KASANDA (Zambia)
- Dhr. Joe FRANS (Zweden)
- Dhr. George N. JABBOUR (Arabische Republiek
Syrië)
- Mw. Irina ZLATESCU (Roemenië)
Mandaat:
- Een studie maken van de problemen van
rassendiscriminatie waarmee mensen van Afrikaanse afkomst in de diaspora kampen
en daarvoor relevante informatie in te winnen bij regeringen,
niet-gouvernementele organisaties en andere bronnen, onder meer door openbare
hoorzittingen met hen te beleggen;
- Maatregelen voorstellen ter verzekering van een
volledige en daadwerkelijke toegang tot het gerechtelijk systeem voor mensen
van Afrikaanse afkomst;
- Aanbevelingen formuleren voor de vormgeving,
tenuitvoerlegging en handhaving van doeltreffende maatregelen voor het opheffen
van raciale stigmatisering van mensen van Afrikaanse afkomst;
- Voorstellen uitwerken voor de korte, middellange
en langere termijn, om rassendiscriminatie van mensen van Afrikaanse afkomst
uit te bannen, rekening houdend met het belang van nauwe samenwerking met
internationale (ontwikkelings)instellingen en met de Gespecialiseerde
Organisaties van het VN-systeem bij de bevordering van de mensenrechten van
personen van Afrikaanse afkomst, onder meer door:
- (i) De mensenrechtensituatie van personen van
Afrikaanse afkomst te verbeteren door bijzondere aandacht te schenken aan hun
behoeften, o.a. door het voorbereiden van gerichte actieprogramma’s;
- (ii) Speciale projecten op te zetten, in samenwerking
met mensen van Afrikaanse afkomst, ter ondersteuning van eigen initiatieven in
hun directe leefomgeving, en de uitwisseling van informatie en technische
knowhow tussen deze bevolkingen en deskundigen op dit gebied te verbeteren;
- (iii) programma’s voor mensen van Afrikaanse afkomst
te ontwikkelen die zorgen voor bijkomende investeringen in gezondheidszorg,
onderwijs, huisvesting, stroom- en drinkwatervoorziening, en milieu; ook
programma’s die gelijke kansen op de arbeidsmarkt bevorderen, en andere
initiatieven op het vlak van gelijkberechtiging in het kader van de
mensenrechten;
Voorstellen doen inzake de uitbanning van
rassendiscriminatie jegens Afrikanen en mensen van Afrikaanse afkomst in alle
delen van de wereld;
Zich buigen over alle kwesties in de Verklaring
en het Actieprogramma van Durban die het welzijn van Afrikanen en mensen van
Afrikaanse afkomst aangaan.
Werkgroep
inzake willekeurige detentie:
- Mw. Leila ZERROUGUI (Algerije)
- Dhr. Tamás BÁN (Hongarije)
- Mw. Manuela Carmena CASTRILLO (Spanje)
- Dhr. Seyyed Mohammad HASHEMI (Islamitische Republiek
Iran)
- Mw. Soledad VILLAGRA DE
BIEDERMANN (Paraguay)
Mandaat:
- Gevallen onderzoeken van willekeurige
vrijheidsberoving, waar door de nationale rechtbanken geen definitief vonnis is
geveld volgens nationale rechtsregels, internationale normen ter zake zoals
neergelegd in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, en andere
internationale instrumenten die door de betrokken staten zijn aanvaard;
- Informatie opvragen bij en in ontvangst nemen van regeringen,
intergouvernementele en niet-gouvernementele organisaties, en inlichtingen
verzamelen van betrokken individuen, hun familie of hun vertegenwoordigers;
- Een allesomvattend rapport voorleggen aan de
mensenrechtenraad.
Werkgroep inzake gedwongen of onvrijwillige verdwijningen::
- Dhr. Santiago CORCUERA CABEZUT (Mexico)
- Dhr. Joel ADEBAYO ADEKANYE (Nigeria)
- Dhr. Darko GÖTTLICHER (Kroatië)
- Dhr. Saeed Rajaee KHORASANI (Islamitische
Republiek Iran)
- Dhr. Stephen J. TOOPE (Canada)
Mandaat:
Families bijstaan bij het achterhalen van het lot
en de verblijfplaats van hun familieleden die, vanwege hun verdwijning, buiten
de bescherming van de wet vallen. De Werkgroep spant zich in om een
communicatiekanaal tot stand te brengen tussen deze families en de betrokken
regeringen, en om zich er van te verzekeren dat individuele gevallen die
families onder de aandacht van de Werkgroep hebben gebracht worden onderzocht,
teneinde opheldering te krijgen over de verblijfplaats van verdwenen personen.
Werkgroep
inzake de inzet van huursoldaten als
obstakel voor de uitoefening van het zelfbeschikkingsrecht van volken:
- Dhr. José GÓMEZ DEL PRADO (Spanje)
- Mw. Najat AL-HAJJAJI (Libisch-Arabische
Jamahirija)
- Mw. Amada BENAVIDES DE PÉREZ (Colombia)
- Dhr. Alexander Ivanovich
NIKITIN (Russische Federatie)
- Mw. Shaista SHAMEEM (Fiji)
Mandaat:
- Concrete voorstellen formuleren en voorleggen
over mogelijke nieuwe normen, algemene richtlijnen of basisprincipes die
strekken tot een krachtiger bescherming van de mensenrechten, in het bijzonder
van het zelfbeschikkingsrecht van volken, wanneer deze worden geconfronteerd
met een bestaande of op handen zijnde dreiging van huursoldaten of activiteiten
in verband met huursoldaten;
- Regeringen, intergouvernementele en
niet-gouvernementele organisaties vragen om opinies en bijdragen betreffende
vraagstukken in verband met het mandaat;
- In verschillende delen van de wereld toezicht
houden op de inzet van huursoldaten en op activiteiten inverband daarmee – in
al hun verschijningsvormen;
- Opkomende kwesties, uitingen en tendensen met
betrekking tot huursoldaten (en activiteiten in verband daarmee) onderkennen en
bestuderen, alsmede hun impact op de mensenrechten, in het bijzonder op het
zelfbeschikkingsrecht van volken;
- Toezicht houden op en studie maken van de
effecten die activiteiten van particuliere ondernemingen die op de
internationale markt militaire ondersteuning, militair advies en
beveiligingsdiensten aanbieden hebben op de uitoefening van de mensenrechten,
in het bijzonder van het zelfbeschikkingsrecht van volken, en een ontwerptekst
opstellen met internationale fundamentele principes die zulke bedrijven ertoe
aanzetten om in hun activiteiten de mensenrechten te eerbiedigen.
|